Ah-Pook Was Here – interview met kunstenaar DADARA

door Serge R. van Duijnhoven

Fool’s Ark of Dadara on Fire

Daniël Rozenberg, in binnen- en buitenland beter bekend als de ikonografische kunstenaar Dadara, opent met een forse ruk de deur van zijn “duikboot” in een volkse straat in Amsterdam. De duikboot is Daniël’s benaming voor het langwerpige atelier dat wel vijftig meter doorloopt op de begane grond van het pand in de Pijp. En waar je meteen op een prettige wijze gedesoriënteerd raakt. Het atelier heeft vanwege zijn tunnelachtige structuur zowel iets van een gerenoveerde kelder als van een loft op de bovenste verdieping van een oude fabriek. Wat boven is, kan ook onder zijn. Wat nieuw is, oud. En andersom. Precieze coördinaten zijn moeilijk te bepalen op het moment dat je je in Dadaland bevindt. Er schijnt zonlicht op vloer en zijwanden en boven onze hoofden pakken donderwolken zich samen. Het plafond is voorzien van dubbeldikke raamkozijnen. De werkruimte is op een geraffineerde wijze van de buitenwereld geisoleerd. Geen straatgeluid of buurtrumoer dat tot hier weet door te dringen. Nieuwe schilderwerken van anderhalf bij anderhalf meter staan achterin de ruimte rechtop opgesteld. De vele strekkende meters daarvoor worden ingenomen door een prettige chaos van objecten, speelgoed, memorabilia en een muziekinstallatie die samen met een grote werktafel het platform vormt vanwaar de kunstenaar (herkenbaar aan zijn verstrooide uiterlijk en verfomfaaide kledij, de warrige haartooi van rosse krullen, het ferme brilmontuur met de dikke glazen waarachter een paar droeve hondenogen. Einstein meets Austin Powers, Picabia meets professor Zonnebloem, Buddha meets Bohemia) op zijn dagdagelijks artistieke reizen vertrekt. Op expeditie naar de bronnen die verscholen liggen op de bodem van het beekdal tussen droom en nachtmerrie, mare en verlangen, angst en utopie…

Buiten waait een gure storm. De lucht is dreigend en geregeld stortregent het. Daniel heeft zich de dag voor het interview beschikbaar gesteld als levend masker voor een bevriende graffiti-kunstenaar uit Texas die met zijn familie op bezoek is in Amsterdam. Het masker als artistieke uitingsvorm is voor Dadara bekend terrein. Voor zijn project 404 File not Found – een titel die verwijst naar de melding op computerschermen wanneer een bepaalde website niet gevonden kan worden – uit 2006, maakte de kunstenaar een uitgebreide collectie aan maskers waarvoor hij ideeën opdeed in het Senegalese dorpje Jenne. Dadara: “Ik schilder maskers zoals anderen mensen portretteren. Op zichzelf bezit een masker geen persoonlijkheid. Dat persoonlijke breng ik er zelf in aan door toevoeging van diverse lagen, kleuren en details.”

File not Found verwees naar de boodschap die op het scherm van computers verschijnt, wanneer een webstek niet gevonden kan worden door de server op internet. 404 is niet toevallig ook het huisnummer van Dadara’s atelier nabij de Amstel. Gedurende het gesprek dat we op deze onheilspellende, broeierige maandagmiddag in het ruim van zijn duikboot voeren vormt het verhaal over de wijze waarop hij aan zijn atelier is gekomen, een rode draad die aangeeft dat Daniel Rozenberg niet alleen in parallelle universa van zijn totem-achtige werk contact lijkt te kunnen maken met de domeinen van surrealisme, magie en verbeelding.

The Art of Turning Art into Money

1.Art in the painters’ studio 2.Art in your living room 3. Money in your hands

…………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………..

During today’s financial crisis, art has been frequently cited as an advantageous alternative asset class. But do the millions of dollars that might buy you a Hirst, a Koons, or a Picasso speak about the social and artistic value? The potential for change?

Whatever your opinion, we are committed to serving Art: The Art of turning Art into Money.

…………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………..

……………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………

……………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………………
“Een jaar of vijf geleden liep ik hier op een keer midden in de nacht over straat. Ik woonde niet veel verderop in de Pijp, en gezien het feit dat ik nogal veel ruimte nodig heb om mijn werk te kunnen fabriceren was ik al een tijdje druk op zoek naar ruimere behuizing. Iets wat een gotspe is in Amsterdam, zodat ik me er eigenlijk al op had voorbereid naar Antwerpen of Berlijn te gaan verkassen. Op gegeven moment komt er vanuit het donker een onbekend heerschap op me af die me aanschiet met de vraag: `Zou jij niet over een groter huis willen beschikken?’ Deze oudere man bleek de toendertijd 74-jarige dichter en materie-kunstenaar Emmanuel Lorsch. Een joodse Amsterdammer die als enige van zijn familie de Tweede Wereldoorlog had overleefd en wiens leven en werk eigenlijk nooit meer van die katastrofe konden worden losgekoppeld. In een achttal pikdonkere kamers die achter de voordeur van nummer 404 waren gelegen, bleek Lorsch een collectionneurs-depot te hebben aangelegd voor de vreemdste verzamelingen. Lorsch nodigde me uit om binnen te komen, wat geen sinecure was omdat geen van de kamers die via een lange gang uitkwamen op dezelfde voordeur, van gas en licht waren voorzien. Met behulp van een zaklamp ontdekte ik dat de voltallige ruimte van bodem tot plafond en muur tot muur gebruikt werd als depositoir voor de vreemdste verzamelingen. Bij het flakkeren van een vlam uit mijn aansteker baande ik me een weg door manshoog opgestapelde dozen vol kapotte schoenzolen die op maat waren gesorteerd, lege kokers voor Pringles en chips die op kleur waren gesorteerd, jute postzakken, vermolmde boeken, doorgezaagde jerrycans, visgereedschap, bezems, emmers. Sommige kamers stonden vol met ready mades van stoelen en tafels waar bijvoorbeeld een strijkbout aan vast zat gemonteerd. Alle objecten waren voorzien van labels, naamplaatjes en krantenknipsels. De hele inboedel lag op zo’n onhandige wijze bijeengeschraapt, dat er tussen die honderden kubieke meters aan spullen nauwelijks plek was om te manoeuvreren. Ik stond versteld. Niet alleen van de eindeloze hoeveelheid snuisterijen, curiosa en prullaria die hutje mutje lagen opgetast. Maar ook van de lucide houding en de haast waarmee de bejaarde kunstenaar meteen terzake wilde komen en me voorstelde om per direct de rentmeester te worden van zowel zijn roerende als onroerende artistieke erfenis. Blijkbaar liep Lorsch al een tijd lang met het plan rond om zijn hele toko over te doen aan een jonger kunstenaar van joodse origine. In mij hoopte hij iemand te vinden die op zijn eigen manier een voortzetting zou weten te geven aan het particuliere universum vol alledaagse materie uit het naoorlogse Amsterdam dat Lorsch gedurende zes decennia achter de voordeur van nummer 404 bijeen had gesprokkeld, opgestapeld en uitgesorteerd. Het huis met inboedel was Lorsch’ persoonlijke
monument voor de straten van een stad waaruit het jodendom op rigoureuze wijze was gedecimeerd. Iets van die intentie hoopte Lorsch te kunnen behouden door met mij een overeenkomst te sluiten. Ik besloot zijn aanbod te aanvaarden, regelde een notaris en zorgde ervoor dat Lorsch met een som geld kon vertrekken naar een plek waar hij in rust zijn laatste dagen zou kunnen slijten zonder zich verder nog te hoeven bekommeren om het materiele residu aan memorabilia en curiosa uit het Amsterdam van na de oorlog.

Dreamyourtopia Captains of Guard

Ik herinner me nog heel goed hoe Emmanuel Lorsch ook weer midden in de nacht bij me aanbelde enkele uren voor de overdracht bij de notaris plaats zou vinden. De oude man kon de slaap niet vatten en smeekte me alvast een papiertje te ondertekenen met daarop de belofte dat ik hem ‘s anderendaags daadwerkelijk van de hele mikmak zou verlossen. Eens de overdracht officieel was geschied, zette ik me aan het werk om de boel zo grondig mogelijk te renoveren. Ik installeerde gas en licht, brak muren uit en begon met het uitmesten van de Aegis-stal die Lorsch alhier had nagelaten. Pas na vele maanden ploeteren waarin talloze containers en aanhangwagens met puin en troep waren volgeladen en naar de vuilstort gereden, brak het stadium aan van wat een bevriende makelaar zo mooi omschreef als ‘casco-min’.
De buurman van hiernaast die geregeld gek was geworden van het aanhoudende gedril en gedrein van boormachines, beitels en hamers, vertelde me bij de housewarming party dat zijn ergernis toch nog werd overtroffen door zijn verbazing dat ik er blijkbaar in geslaagd was om de sinds mensenheugnis aan zijn woonst op 404 vastgekoekte kunstenaar Emmanuel Lorsch uit zijn sombere mausoleum te laten vertrekken. Wat deze hele geschiedenis me vooral leerde is dat er niet alleen in de woestijn van Nevada of aan de kust van Senegal magische ontdekkingen zijn te verrichten. Ook om de hoek ligt het avontuur op de loer. Mits je je ervoor openstelt.”

De kunstenaar toont me een fascinerend langgerekt boekje dat vol staat met tekeningen van totempalen die hij is gaan maken nadat hij in 1999 Kham Ai Dedjoungtae tegen het lijf was gelopen in zijn beeldhouwersparadijsje dat ligt weggedoken diep in het noorden van Thailand in de buurt van Chang Mai. Hij inviteerde de kunstenaar om samen met hem een houten totempaal te construeren in Amsterdam die op zijn tekeningen zou zijn gebaseerd. Uiteindelijk zijn paal en tekeningen als een grote verzameling tentoongesteld in de Reflex Art Gallery in Amterdam gedurende de expositie In Search of Better Planets.

Pregnant

Tijdens het vervolg van ons gesprek merk ik op dat in hoegenaamd al zijn werk – vanaf zijn periode eind jaren tachtig als cartoonist voor het Italiaanse blad Linus tot aan zijn recente project Dreamyourtopia dat in november 2009 in Berlijn werd afgesloten met een ceremoniele vernieling van zijn installatie in Stattbad Wedding – niet alleen het artistieke avontuur maar ook de vernietiging op pregnante wijze om de hoek loert. Immer klaar om toe te slaan. Ik confronteer hem met een citaat uit Play to Live een boek met lezingen van de Engelse filosoof Alan Watts (1919 – 1973): “It is perfectly obvious that the whole world is going to hell. The only possible chance that it might not is that we do not attempt to prevent it from doing so.”

Dadara knikt bedachtzaam.

“Het is waar dat er een sterk gevoel van urgentie van mijn werk uitgaat. Het besef dat alles van waarde daadwerkelijk weerloos is zoals Lucebert stelde. Ongetwijfeld zullen de wortels voor mijn occupatie met krachten van vernieling en gevaar die de status quo dreigen te verpletteren, gevonden kunnen worden in de periode van No Future en New Wave waarin ik als tiener opgroeide. Ik was toen nog heel pril maar allicht zal er iets van die sfeer van existentiele doom and gloom in mijn onderbewuste zijn blijven plakken. Time is ticking, en vooral sinds elf september heb ik sterk het gevoel gekregen dat we niets zomaar voor lief kunnen nemen. We balanceren als mensheid voortdurend op de rand van een afgrond waar we weldegelijk in kunnen kukelen. Dit dwingt tot meer nadenken, écht wat neerzetten en niet je dromen uitstellen tot overmorgen….”

Je bent in bepaalde Europese subculturen lange tijd gekend geweest als een soort creatief ikoon van de Rave generatie. Als een koning van de flyers en de platenhoezen.

“Dat is natuurlijk heel fijn, en ik ben ook wel dankbaar dat ik over bepaalde artistieke gaven beschik. Maar tegelijkertijd besef ik dat dit niet eens een eigen verdienste is maar het gevolg van een bepaalde conditie. Ik heb in feite geen keus en ben gewoon kunstenaar geworden zoals Philippe Petit, de hoofdpersoon in de documentaire Man on Wire, wel koorddanser móest worden die alles in zijn leven in het werk stelde om op een dag zijn meesterstuk te kunnen volvoeren. Een koorddans tussen de beide torens van het WTC in New York. De meeste mensen verklaarden hem krankzinnig. Maar voor Petit was het zo logisch als wat. Die torens stonden er, dus moest hij er wel mee aan de slag. Vraag aan een bergbeklimmer waarom hij perse die Mount Everest wil beklimmen, en hij zal zeggen: omdat die berg er nu eenmaal is. That’s all.”

Na een traject van vallen en opstaan – en een indrukwekkende mars langs talloze vrije bekende en minder bekende academies en hogescholen op het gebied van kunst en design in Nederland en Belgie – wist Dadara (een naam die hij al sinds zijn zestiende gebruikt) zich internationaal in the picture te werken als vaste cartoonist voor het toonaangevende Italiaanse stripmagazine Linus. Nog maar een jaar voordat zijn carriere razensnel een hoge vlucht begon te nemen, hadden zijn docenten op de Akademie voor Industriële Vormgeving in Eindhoven hun pupil dringend afgeraden om af te zien van een loopbaan als tekenaar en hem een begeleid traject tot boekhouder aangeboden. “Alles ging plotseling heel snel. Er kwamen zoveel elementen samen die me een push in de rug hebben gegeven. Ik heb volop gebruik kunnen maken van de enorme vitale energie die vrijkwam toen de eerste golven van de house en techno over de subculturen van het continent heen rolden. Maar ik heb op mijn manier ook die hele Beleef-Het-Nu! Beweging van wat Geert Mak “de periode van de grote feesten” heeft genoemd, van stuwkracht helpen voorzien. Het was een geweldige tijd van zowel individuele als collectief beleefde nieuwsgierig- en saamhorigheidsgevoelens die een bijna onstuitbare kinetische kracht wisten op te wekken. Hoewel ik erg dankbaar ben dat ik middenin de draaikolk en magie van het moment het ontstaan van een nieuwe muziek en jeugdcultuur mee heb mogen maken heb ik later soms ook wel – als ik eerlijk ben – een zeker gevoel van gemis ervaren over het gebrek aan diepgang van die hedonistische stromingen. Eigenlijk vond ik het jammer – stiekem dan – dat ik tien jaar te laat ben geboren voor de punk. En twintig jaar te laat voor de revolutie van de hippies in de jaren zestig. Toch heb ik er altijd voor gezorgd dat mijn werk is doorspekt met verwijzingen naar de grote boze buitenwereld die ook in de jaren negentig en daarna te maken had met oorlogen, honger, vervuiling, armoede en de uitwassen van het kapitalisme. Al deze gruwelen zijn in mijn werk uit die tijd in ruime mate terug te vinden. De humor die eveneens in mijn werk aanwezig is, heb ik altijd toch wel van een scherp randje willen voorzien waar je je als kijker lelijk aan kunt snijden. Van mijn werk word je misschien wel vrolijk, maar nooit alleen maar vrolijk.”

Heel wat van je projecten uit het verleden eindigden in een rituele vernietiging of ceremoniële verbranding van de werken,  zoals in het geval van de Fools Ark, de Burning Grey Man, de roze legertank van Love Peace Terror uit 2007 en recentelijk nog het Dreamyourtopia project uit 2009 dat met hamers en bijtels aan stukken kon worden geslagen in een verlaten zwembad in stadsdeel Wedding gedurende de festiviteiten rond 20 jaar val van de Berlijnse Muur. Is het verbranden of vernietigen van een project noodzakelijk om ruimte te kunnen maken in je geest voor nieuwe ideeën en projecten?

“Destructie en creatie grijpen inderdaad op intrigerende wijze in elkaar. Het feit dat je zo lang werkt aan iets en er zoveel bloed, zweet en tranen en geld in stopt om het uiteindelijk misschien een half uur te laten branden, is heel spannend en ook heel zwaar. Ik wist niet hoe ik op het moment suprême zou reageren. De seconde dat mijn Ark in de fik ging in 2002 in de woestijn van Nevada werkte dat als een klick in mijn bewustzijn. De nieuwsgierigheid hoe dat zou voelen was de reden het te doen. De brand zorgde echter niet voor de misschien verwachte en gevreesde harde klap of een zwart gat in mijn creatieve bewustzijn. Hoewel ik daar onbewust misschien wel naar op zoek was. Maar niets van dat alles dus. Geen zwart gat, slechts een grote lach die zich rond mijn lippen krulde toen de eerste vlammen uit het kunstwerk schoten. Een lach die heel lang niet meer weggegaan is. Zoiets heftigs en groots en bijzonders van mezelf vernietigen leidde tot een bevrijdend “Fuck You” gevoel, maar dan niet geworteld in het pessimisme van de No Future, maar in een optimisme van “alles is mogelijk”. Dat heeft er natuurlijk ook mee te maken dat ik die rituele verbrandingen en afbraak van mijn werken niet zie als een vernietiging tout court. Maar eerder als een aangezien het een inherent onderdeel was van die specifieke projecten zoals de Fools Ark. Zonder vernietiging zouden die werken niet compleet zijn geweest. Echte vernietiging zou bijvoorbeeld zijn als ik na twee flessen Absinth een mes zou pakken en in een vlaag  van verstandsverbijstering niet mijn oor zou afsnijden maar al die nieuwe doeken waar ik het afgelopen anderhalve jaar met zoveel liefde aan heb gewerkt zou kapotsnijden.

“De eerste keer dat ik getuige was van het Burning Man festival in de woestijn van Nevada, kwam ik vol ideeen inspiratie en gelouterd terug in Amsterdam. Ik was nauwelijks een dag terug of ik werd door een vriend opgebeld die me sommeerde de televisie aan te zetten. Ik zag nog net live op CNN hoe het tweede vliegtuig zich in de nog niet brandende Twin Tower boorde in New York. Het voelde of met die terroristische aanslagen van Al Quaeda op 11 september 2001 niet alleen die twee torens instortten maar ook mijn utopische gevoel van gelukzaligheid dat ik de weken en maanden daarvoor zo intens had gevoed op brute wijze werd verpulverd.  Een week lang heb ik volledig van de kaart op de grond gezeten en tv gekeken om te trachten tot me door te laten dringen wat er in hemelsnaam gebeurd was gedurende die paar uren in de ochtend van de elfde september. Na een week ben ik opgestaan en heb mijn TV deur uit gedaan. Een beslissing waarop ik nooit ben teruggekomen en waar ik nooit spijt van heb gehad. Integendeel. Waarom? TV staat uiteindelijk toch vooral voor Tijd Verlies, nietwaar? Het is de drug of the nation. The digital nanny. Het is het hypnotisch oog voor gans de Tired All The Time generatie.”

Heeft het feit dat je in Polen geboren bent (1969 in Lodz) als zoon van joodse ouders en wetenschappers – je werk en levensvisie beinvloed?

“Wat denk ik toch ergens zijn sporen heeft nagelaten, is het feit dat ik als paar maanden oude baby met mijn ouders in 1969 uit Polen naar Nederland gekomen ben, tijdens de grote uittocht die destijds plaatsvond gedurende een nieuwe golf van antisemitisme. Aan de ene kant heb ik zeker geluk door gehad, aan de andere kant heeft die geschiedenis ons gezin natuurlijk ook getekend. Wat je in ieder geval kunt zeggen is dat ik van huis uit een scherp ontwikkeld wantrouwen heb meegekregen jegens totalitaire regimes, alsmede een vrijheidsdrang die tegelijkertijd in een algemener soort van overlevingsdrang is ingebed. Het neerhalen van die muren uit mijn Dreamyourtopia project in Berlijn, in november 2009, was in dat opzicht heel symbolisch. Het vond niet alleen twintig jaar na de val van de echte muur plaats, maar ook precies veertig jaar nadat mijn ouders met mij als baby het IJzeren Gordijn waren overgestoken om een nieuw leven te beginnen in het Vrije Westen.”

tank op dak

Voel je je op je plek in Amsterdam als

a  – egopoliet

b     – duopoliet

c       – kosmopoliet?

“Alle drie – Ik voel me zeker een egopoliet die leeft in mijn eigen, grotendeels zelf gecreeerde wereld met een onderbewuste dat zich ook nog eens aan vier tot vijf dromen per nacht overgeeft. Ik vergelijk het altijd met een soort grote bubbel of cocon waarin ik me fysiek schijn te verplaatsen. Een cocon die zich fysiek gezien zowel in mijn atelier als in mjin hoofd kan bevinden. Tijdens mijn recente jaar in Dallas, Texas, waar ik als artist in residence verbleef, bevond de bubbel zich aan de andere kant van de oceaan. Die bubbel waarin ik mij bevind is wel altijd zeer nauw verbonden met de echte wereld. Dit zou je het duopolitische ascpect van mijn karakter kunnen noemen. Het feit dat ik die figuurlijke bubbel altijd met me meedraag betekent ook dat ik me altijd overal snel thuis kan voelen en zodoende is het kosmopolitische een logisch uitvloeisel daarvan. Natuurlijk voel ik me op sommige plekken meer op mijn gemak. Misschien ben ik eerder quattropoliet dan duopoliet. Amsterdam, Berlijn, Dallas, de woestijn in Nevada: dat zijn de plekken naar mijn hart. Amsterdam zit het diepst in mijn systeem verweven. Helaas is het door een gebrek aan letterlijke en figuurlijke ruimte hier steeds moeilijker om in vrijheid te kunnen werken. Een jaar vechten met ambtenaren voor een vergunning om een roze tank op te blazen en binnen een half uur horen dat je hem weg moet halen als je hem net op een dak hebt neergezet werkt stukken minder inspirerend dan een oud leeg zwembad aangeboden krijgen voor een project zoals me in Berlijn gebeurde. Waar niemand van de gemeente me een strobreed in de weg legde.”

Je nieuwste projecten die je zopas bent begonnen hebben met geld, banken en kunst te maken. Je ontwierp een zwembad vol met bankbiljetten, en daaraan gekoppeld een Exchanghibition Bank. Zijn deze projecten tot stand gekomen vanwege de crisis in de bankwereld en het belabberde subsidieklimaat sinds het nieuwe kabinet in Nederland zijn bezuinigingsplannen bekend heeft gemaakt?


 

De ideëen voor de Pool of Plenty en de Exchanghibition Bank zijn ontstaan heel kort na de vernietiging van Dreamyourtopia in Berlijn. Een paar dagen daarna zat ik alweer in het vliegtuig richting Texas, waar ik mijn bomvogel-sculptuur moest installeren op een dak voor de opening van een groepstentoonstelling in Dallas waar ook Atlier van Lieshout en Angel Cabrales aan deelnamen Daarna had ik voor het eerst een paar dagen vrij en rust in mijn hoofd, en kreeg ik het idee voor een zwembad vol geld dat bewaakt zou worden door veiligheidspersoneel zodat je dat geld (speciaal ontworpen kunstbiljetten met de uitstraling van gewoon geld)  niet mee zou kunnen nemen naar het zwembad maar wel kon kopen bij de bank. De spreekwoordelijke flits van inspiratie die kwam in een seconde. Daarna was het een  jaar lang keihard werken om dit idee te concretiseren in de vorm van een zwembad vol met kunstzinnige bankbiljetten waar mensen – als waren ze Dagobert Duck – letterlijk een duik in kunnen nemen als ze dat durven.

Heeft de bankencrisis je ook persoonlijk geraakt?

Het project is niet alleen ontketend door de bankencrisis maar heeft ook te maken met een ontwikkeling die al langer aan de gang is, waarbij alles in onze cultuur een financiele waarde moet krijgen. Kunst vind ik daarbij een metafoor voor juist datgene wat andere waarden uitdraagt dan het tastbare en financiele. Pas als spirituele, artistieke en sociale waarden een financieel etiket hebben gekregen, zijn ze inpasbaar in onze maatschappij. Ja, en door de bankencrisis zijn banken natuurlijk een symbool geworden voor het feit dat een maatschappij die alleen bezig is met hebzucht en geldelijk gewin, niet echt meer een solide basis heeft.

In het voorwoord van de catalogus bij de tentoonstelling 404 File Not Found uit 2006 schreef je: “Ik kan de tijd niet inplannen.” Misschien kun je vertellen wat je hiermee bedoelde.

“Tijd is een heel moeilijk begrip, volgens de alsmaar doortikkende wijzers van ons systeem met uren, minuten en seconden. Het begrip tijd kan een mens behoeden voor zijn neiging al tezeer te verdwalen. Tegelijkertijd kan het je als kunstenaar daardoor ook belemmeren om interessante zijpaden te bewandelen. Zo zijn mijn nieuwe schilderijen op te vatten als een gecompliceerde zoektocht naar die onverwachte zijwegen. Natuurlijk kom ik al schilderend soms vast te zitten in mijn werk. Maar dat punt verdwalen is voor mij juist ook een vertrekpunt. Vandaar moet ik proberen nieuwe oplossingen te vinden. Aangezien het geen concrete oplossingen zijn, weet je niet wanneer of hoe zo’n oplossing zich aandient. Soms beschouw ik een schilderij na weken schilderen als een hopeloos geval, zet het een maand omgekeerd neer, kijk er vervolgens weer weken intensief naar en dan in een keer zie ik wel de juiste weg. Heb ik dan in al die tijd niks doen, toch wat gedaan? Ook een deadline kan verlammend werken omdat het je kan dwingen al te rechtlijnig te werk te gaan. De drang om op zoek te gaan naar die interessante zijpaden krijgt zo geen kans. Wat ik nu maak zou nooit op die manier ontstaan kunnen zijn.”

Terror in Paradise

Valt het je moeilijker om te scheppen nu je ook vader bent van een zoon die je op geregelde tijden naar school moet brengen en afhalen en waarvoor je hoe dan ook in allerlei opzichten moet zorgen?

“Kinderen leven eigenlijk alleen maar in het Hier en het Nu. Voor een kind bestaat er geen straks en geen ergens. Mijn zoontje Mundo van vier kwam laatst met een heel frappante wijsheid aanzetten. Hij maakt een periode door waarin hij helemaal idolaat is van Michael Jackson. Op een keer kwam hij naar me toe en verkondigde dat Michael Jackson nooit volwassen wilde worden en dat hij dat heel goed begreep want als volwassene mag je niet meer spelen zoals kinderen. En ook ik wil blijven spelen papa – zei Mundo.”

Dadara vertelt me hoe hij na zijn Dreamyourtopia project in Berlijn besloot om de wereld van de conceptuele en ikonografische kunst en met tekstslogans doorspekte visuele locatietheater even vaarwel te zeggen. Om zich te herbronnen en herbezinnen vanuit de vorm en het onderbewuste. Hij is bezig aan een serie schilderijen die aan het einde van dit jaar voor het eerst tentoongesteld zal worden in Amsterdam en die als voorlopige titel “Last train to the inevitable beyond” heeft meegekregen. Vijfien werken zullen er uiteindelijk worden geselecteerd. De werken verschillen radicaal van Dadara’s vorige werk. Het picturale en ikonografische heeft plaatsgemaakt voor abstractere geometrische structeren in felle kleuren die zich in kronkelende dimensies in en om elkaar heen lijken te krullen. Toch is ook in deze werken, waarvan de inkt nog maar pas aan het opdrogen is, de hand van de meester nog altijd duidelijk zichtbaar. De weg naar het hierna ligt bezaaid met waarschuwingen. “Do not cross! Reality Line!” valt op een doek te lezen.

De intentie van deze laatste serie schilderijen op linnen is zowel privaat als publiek van aard. Als het goed is vallen beide samen. Dadara gebruikt de serie als meditatieve ankerpunten om terug te kunnen keren naar de bodem van zijn artistieke drijfveren. De kunstenaar laat zich leiden door impulsen die hij niet bedacht of voorzien heeft maar die zich quasi spontaan in hem openbaren. Sporen die hij volgt en details die hij uitwerkt tot hij in een staat van dérèglement de tous les sens kan komen en hij verdwaalt in de figuren dimensies vormen en kleuren – verdwalen is het doel zelf van deze serie schilderen. Het vereist een open geest en gewilligheid tot overgave van zowel de kunstenaar als de toeschouwer. Vanuit die staat van verdwalen of dérive kan dan hopelijk een deur gevonden worden naar aan uitgang. Een sleutel die past op het slot waarop de kijker stuit als hij zich verliest in het labyrinth dat het linnen doorkruist. Voor wie nieuwsgierig genoeg is – zal er altijd mogelijkheid zijn om via de kieren in de compositie en perspectivisch figuren een blik te werpen op een ruimte die achter die van ons verscholen ligt. A peeping eye towards the beyond.

Het doel van deze serie is het verdwalen en dan verder gaan. “Of misschien wel niet” zegt de kunstenaar met een mysterieuze grijns. “Misschien besluit je als kijker wel om daar te blijven waar je oog en brein je kunnen brengen.”

Utopia Small

Betreft deze nieuwe kunst een geval van wat William Burroughs noemde: chance operation?  De controle uit handen geven aan het toeval?

“Het toeval speelt hier eigenlijk geen rol in. Het is vooral een kwestie van intuïtie en fingerspitzengefühl welke weg je inslaat of voor welke oplossing je kiest. Van belang is het vertrouwen dat het allemaal wel goed komt. Wees niet bang, durf te ontdekken. Hoe kun je in je onderzeeboot afdalen naar onbekende diepten en worstelen om nieuwe werelden te bereiken als je weet dat de klok blijft doortikken en je over 23 minuten en 57 seconden bij wijze van spreken terug moet zijn op de plaats van afspraak. Uiteindelijk, zoals in dat ene schilderij van mij, is er in de werkelijkheid natuurlijk sprake van een “reality-line-do-not-cross” lint. De vraag is of je dan voor dat lint blijft staan, of er stiekem onderdoor kruipt. Dat die vrijheid om onder het lint door te duiken wordt beperkt, mag  geen beletsel zijn om er dan maar vanaf te zien.”

Daniël vertelt hoe hij ter voorbereiding van zijn Dreamyourtopia project opnieuw George Orwells 1984 ter hand genomen heeft. “Een geweldig boek”, bekent hij. “Zo profetisch. De hele cultuur van cameratoezicht computers en infobesitas wordt daar al in voorspeld. Ongelooflijk. En het wonderlijke is dat het boek alleen maar aan profetische kracht schijnt te winnen. Het boek wordt met het jaar genialer.”

Het nieuwe meesterwerk van Haruki Murakami IQ84 (een moderne Japanse variatie op of afgeleide van Orwells 1984), heeft hij nog niet gelezen. Hij is er wel erg nieuwsgierig naar want de boeken van Murakami zijn hem dierbaar. Vooral Kafka on the Beach.

Tijdens de rondleiding die Daniël me geeft  – mijn gloednieuwe digitale opame-apparaat Swis-sonic MDR-2 draagt hij mee in zijn hand; de microfoon is op de boord van zijn T-shirt vastgegespt – langs de reeds geconcipieerde doeken van Last Train To The Inevitable Beyond horen we plots een koele klik. We kijken naar het apparaatje met de knopjes en het LCD-scherm waarop we al meer dan twee uur lang nauwgezet controleren of de opnamen nog naar behoren doorlopen. Of het rode lampje van Record nog brandt. Of het aantal minuten en seconden op het schermpje nog steeds doorloopt. Ik krijg bijna een infarct als ik zie dat de SD Memory Card van SanDisk van 2 Gigabite plots naar buiten floept en in Daniels handpalm belandt. Daniel blijft volstrekt kalm en vertrekt geen spier. Hij zegt dat hij al merkte dat er zojuist iets veranderde aan het kastje. Ik hoop maar dat wat we tot nu toe hebben opgenomen is vastgelegd. Haal de microfoon van zijn boord en pak het apparaatje terug in in zijn gloednieuwe doos…

Ik laat, voor ik vertrek, een bundeling opstellen achter op de grote werktafel die grotendeels verslagen bevatten van kijkervaringen die ik tijdens het recente filmfestival van Cannes heb opgedaan. Magie, levenslust, hedonisme, vernietigingsdrang, utopisme vormen de rode draad doorheen deze opstellen. Al deze onderwerpen zijn gedurende dit bijna drie uur durende gesprek in de duikboot van Dadara op persoonlijke wijze ter sprake gekomen. Daniel’s oog valt op een fragment uit Dead City Radio van William Burroughs dat gaat over Ah Pook the Destroyer. De beeltenis van deze God der Destructie die is teruggevonden uit de schatten der Azteken – en die hieronder is te zien – lijkt bijna letterlijk weggelopen uit een van Dadara’s donkerdere exposities.

Daniel kijkt er gefascineerd naar.

Ah-Pook The Destroyer; Aztek mural painting ca. 1450

“De Azteekse God van de Destructie was dat? Mmmm….” Hij oppert: “Misschien is het bij ons ook eens tijd voor een Departement of Ministerie van Destructie. Niet in de zin van bommen en oorlog maar als manier om opnieuw op te bouwen en te creeeren op de figuurlijke puinhopen van voorgaande vastgeroeste meningen, ideeen, beelden en gewezen idealen. Kill Your Darlings en Search And Destroy samengevat in een totemdepartement van Vuur en nieuw Licht. Of klink ik nou te hippie-achtig?”

Mundo komt het atelier binnengelopen met aan zijn hand een schoolvriendje. Ze rollebollen wat in de ruimte en op gegeven moment laat Mundo zich in een box inpakken om door zijn vader rondgedragen te worden als pakketje in de ruimte. Het vriendje van Mundo bestiert het van het lachen en ook Mundo laat zijn instemmend gegrom horen vanuit de dichtgeritste box.

Ik bedank Daniel voor het gesprek – zeg dag tegen Mundo en diens vriendje en de moeder die genoeglijk toeziet op het spelen der kinderen.

Als Daniel de deur voor me opentrekt blijkt het buiten pikkedonker ook al is het pas kwart over zes ‘s avonds. Er is sprake van een wolkbreuk en het water gutst in verticale stralen uit de hemel en stuitert een eind terug van de tegels en het wegdek eenmaal deze zondvloed aan druppels de aarde heeft bereikt.

Met mijn parapluie doorkruis ik deze vloed en arriveer twintig minuten later tot op de draad doorweekt bij mijn vriendin in Amsterdam Oost– waar ik meteen check of het interview nog op de Memorystick van het Swissonic apparaat is terug te vinden. Ik was de opnamen begonnen op track 34 en 35, en heb voortdurend het rode lampje in de gaten gehouden. Maar – horror oh horror – op die tracks is geen sikkepitje terug te vinden van het gesprek dat Dadara en mezelf de afgelopen middag bezig heeft gehouden. Zelfs de eerder teruggespeelde testopname aan het begin van het interview blijkt nergens meer terug te vinden.

Met besmuikt gemoed bel ik Daniel om hem op de hoogte te stellen. Ik hoor zijn ademhaling aan de andere kant van mijn mobiele telefoon. Beken hem met besmuikt gemoed:

“dag Daniel. Ah Pook was here!…”

A new reality is only a Dream away”

dadara@xs4all.nl

 

 

Over de interviewer:

Serge R. van Duijnhoven (1970) is schrijver, dichter en historicus. Woonachtig te Brussel, geboren in Oss (Noord-Brabant, NL). Oprichter van tijdboek MillenniuM en de Stichting Kunstgroep Lage Landen. Verbleef in Sarajevo voor De Morgen en de Volkskrant. Debuteerde in 1993 met de dichtbundel Het paleis van de slaap (Prometheus). Frontman van het muziekgezelschap Dichters dansen niet. Recente publicaties: De zomer die nog komen moest (Nieuw Amsterdam), Klipdrift (Nieuw Amsterdam),{Balkan}Wij noemen het rozen (Podium), Fotografen in tijden van oorlog (Ludion), Obiit in orbit; aan het andere einde van de nacht (De Bezige Bij), Bloedtest (De Bezige Bij) en Ossensia Brabantse gezangen (Jan Cunen). Serge van Duijnhoven is freelance medewerker van Vrij Nederland, http://www.cobra.be en het International Feature Agency. Sinds 2008 brengt hij als “Onze Man In Cannes” verslag uit van de hedendaagse filmwereld voor uiteenlopende nieuwe en periodieke media in Nederland, Vlaanderen, Amerika  en Azië.

Websites:

http://cinemaredux.wordpress.com

DADARA PROJECT WEBSITES

Dadara’s nieuwste projecten zijn de Pool of Plenty (het zwembad vol met geld), en de daaraan gekoppelde Exchanghibition Bank:

http://artasmoney.com – blog als informatie- en discussieplatform over geld en kunst

http://blog.artasmoney.com – dit is van een blog over het project Pool of Plenty tot iets heel anders uitgegroeid

met een hoop stukjes over kunst en geld en o.a. bijdragen van Def P, King Adz maar ook

van economen en curatoren (bv. Ladybee, de art curator van Burning Man).

http://exchanghibitionbank.com/

Facebook pagina: http://www.facebook.com/ArtAsMoney

Fundraising pagina, (Dadara): “want deze bank heeft geld nodig, en de vraag is natuurlijk of de overheid dit kunstproject en/of deze bank overeind gaat houden…”
http://www.indiegogo.com/Exchanghibition-Bank

www.dreamyourtopia.com : website about Checkpoint Dreamyourtopia – a border control checkpoint to enter your own dreams, which could be experienced in Nevada during Burning Man, Texas, the Lowlands festival in the Netherlands and eventually was destroyed in Berlin.

www.lovepeaceterror.com : website about Love, Peace and Terror – a project of Aesthetic Visual Terrorism. A big pink tank with four barrels, built on a rooftop in the center of Amsterdam and blown to pieces with explosives.

www.dadara.nl/foolsark :  the Fools Ark, a wooden threemaster, built at the Over het IJ festival, then mainstage at Mysteryland, then shipped to the States and burnt in the Nevada desert.

www.dadara.nl/unknown : Embark on an interactive art adventure, based on Dadara’s Unknown Territories exhibition at Reflex.

http://www.dadara.nl/greenpeace/ : Dadara campaign for Greenpeace long time ago

http://www.foolsark.com : the “Fall and Rise of the Fools Ark” movie by Dadara and Jesse Limmen, with music by Lamb and mixed by Lamb’s Andy Barlow.

http://www.jesselimmen.com/vfx/ : for a few years Dadara and Jesse Limmen formed a veejaying duo and veejayed in various clubs, such as Mazzo, Now&Wow, Panama, Supperclub, and the Matrixx in the Netherlands and Cafe d’Anvers (Antwerp), La Mania (Rumania) and Zuhouse (Dortmund) abroad.

http://artasmoney.com – blog als informatie- en discussieplatform over geld en kunst

http://blog.artasmoney.com – dit is van blog over het project Pool of Plenty tot iets heel anders uitgegroeid

met een hoop stukjes over kunst en geld en o.a. bijdragen van Def P, King Adz maar ook

van economen en curatoren (bv. Ladybee, de art curator van Burning Man).

http://exchanghibitionbank.com/

Facebook pagina: http://www.facebook.com/ArtAsMoney

Fundraising pagina, (Dadara): “want deze bank heeft geld nodig, en de vraag is natuurlijk of de overheid dit kunstproject en/of deze bank overeind gaat houden…”
http://www.indiegogo.com/Exchanghibition-Bank

 

BIO

After completing studies at the Willem de Kooning Art Academy in Rotterdam, Dadara (Daniel Rozenberg,1969) started designing flyers, live-paintings and record covers for the then upcoming international electronic house music scene. The public recognition gained through this underground exposure led his paintings to be noticed by the prestigious Reflex Modern Art Gallery in Amsterdam, where till today he had ten solo-exhibitions, as well as exhibitions in Paris, Berlin, Stuttgart, Miami and New York

Commissions include an Absolut Vodka ad, a Greenpeace campaign, and a 70 metres long mural for Leiden University in the Netherlands.

In 1999 Dadara built his first big public sculpture: the 9 metres high Greyman Statue of No Liberty in front of the Rijksmuseum in Amsterdam. This marked the beginning of the production and design of more big public pieces, which over time became more interactive and performance orientated.

In 2002 Dadara built a wooden threemaster – the Fools Ark – during the Over het IJ festival n Amsterdam, after which it was used as the main stage for Mysteryland, before crossing the Atlantic Ocean to be burned at the Burning Man festival in Nevada. After its burn the Fools Ark rose like a Phoenix from its ashes to be burnt for good on the island of Terschelling, during the Oerol festival.

Footage of the Fools Ark and next years Burning Greymen project was intertwined into an audio-visual journey through forgotten worlds to tell the tale behind the project, resulting in the part documentary/ part animated movie “Fall and Rise of the Fools Ark”, with music by Brittish band Lamb and Lamb’s Andy Barlow.

In 2007 a big pink tank was built on a rooftop in the centre of Amsterdam, and later blown to pieces with explosives, as part of the Love, Peace and Terror project; an act of aesthetic visual terrorism.

During his artist in residence period in Dallas, Texas (2008-2009), Dadara worked on Checkpoint Dreamyourtopia, a border control checkpoint to enter your own Dreams, which could be experienced in Nevada and Texas before crossing borders itself, after which it was resurrected at the Lowlands Festival and destroyed in Berlin in an old swimming pool, where the walls between dreams and reality were smashed with sledgehammers and chainsaws, exactly twenty years after the Berlin Wall came crumbling down.

Ah Pook, of Ah Puch:

God van de Vernietiging in de Maya Religie en Mythologie. Ah Pook is God van: Dood, Onderwereld, Vernietiging, Duisternis.

 

Fragment uit “Ah Pook the Destroyer” van William S. Burroughs, zoals te horen is op het album Dead City Radio (Island Records 1990):

“Question: What are we here for?”
“Answer: We’re all here to go…”
“Question: Who really gave their order?”
“Answer: Control. The ugly American. The instrument of control.”
“Question: If control’s control is absolute, why does Control need to control?”
“Answer: control needs time.”
“Question: is control controlled by our need to control?”
“Answer: Yes.”
“Why does control need humans, as you call them?”
“Wait… wait! Time, or landing. Death needs Time, like a junky needs junk.”
“And what does Death need Time for?”
“The answer is so simple. Death needs Time for what it kills to grow in. For Ah Pook’s sake.”
“Death needs Time for what it kills to grow in. For Ah Pook’s sweet sake? You stupid vulgar greedy ugly American death-sucker!”

 

1 reactie

  1. […] lees het interview dat Serge van Duijnhoven had met de in Amsterdam wonende en werkende Dadara (Daniel Rozenberg,1969). De ikonografisch kunstenaar opereert vanuit een duikboot in de Amsterdamse […]


Comments RSS TrackBack Identifier URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s